Verras de Klant
Verrassende breinbrekers
Saaie vergaderingen, geeeuwpartijen en vervelende collega’s. We hebben het allemaal wel eens meegemaakt. Maak je vergaderingen leuk. Zet eens een ‘energizer’ of een ‘breinbreker’ in bij start van een bijeenkomst. Of breng met een raadsel de groep op gang. Onderstaand 5 raadsels voor iedereen die op zoek is naar inspirerende en activerende momenten tijdens een vergadering, training, workshop, brainstormsessie of andere bijeenkomst.
Raadsel 1. Stel je bent een taxichauffeur.
Je vertrekt met 3 passagiers van het station naar Azaleastraat 38, daar gaat 1 persoon er uit en 2 stappen er weer in. De taxi gaat naar Dorpsstraat 14 waar er weer 2 passagiers uit stappen. Vanaf hier gaat hij verder naar de Lekstraat 156 om daar 1 persoon uit te laten. Vervolgens gaat hij door naar het Beatrixpark, waar hij 3 passagiers ophaalt en er niemand uitstapt. Het is nu al 12 uur als hij naar de Schoolstraat 74 gaat om 1 passagier op te halen waar er ook 2 passagiers willen uitstappen. De chauffeur vraagt of het goed is dat hij even stopt bij de bloemenkraam op het Stadhuisplein om een bloemetje te halen van € 6,50. Aangekomen op de Graaf Willemstraat stapten de overige passagiers uit. En nu de vraag: Hoe oud is de taxichauffeur?
Raadsel 2. Waar is die ene euro gebleven?
Drie vrienden gaan naar een hotel en nemen een kamer voor € 30,-.Ze betalen elk € 10,- aan de hotelmanager en gaan naar hun kamer. De hotelmanager beseft ineens dat het woensdag is; dan geldt er een korting van € 5,- dus kost een kamer maar € 25,-.Hij stuurt een kamermeisje naar boven om de € 5,- aan de vrienden terug te geven. Zij heeft echter geen idee hoe dat in drie te delen dus steekt ze € 2,- in haar zak en geeft de vrienden elk € 1,- terug. Dit betekent dat de vrienden nu elk € 9,- betaald hebben; een totaal van € 27,-.Het kamermeisje heeft € 2,- in haar zak, samen is dit € 29,-. Waar is nu die ene Euro gebleven?
Raadsel 3. Hoe komt de boer aan de overkant?Een boer is al een aantal dagen aan het reizen samen met zijn wolf, schaap en een partij witlof als hij aankomt bij een rivier. Hij wil de rivier oversteken en ziet een klein bootje aan de kant liggen. Alleen is dit bootje te klein om met zijn allen in een keer over te steken. De boer kan maximaal 1 vrachtje meenemen, dus óf de wolf óf de partij witlof óf het schaap. Een probleem echter! De wolf eet het schaap op als hij ze alleen achter laat. En het schaap eet de partij witlof op als hij er niet bij is. Hoe komt de boer met zijn dieren en de partij witlof ongeschonden aan de overkant?
Raadsel 4. Een RekensommetjeReken het onderstaande sommetje zo snel mogelijk uit je hoofd uit.
Neem 1000 en tel er 30 bij op.
Tel er 1000 bij op.
Tel er 40 bij op en dan nog eens 1000.
Tel er 20 bij op.
Tel er 1000 bij op en dan nog eens 10.
Wat is het antwoord?
Raadsel 5. Hoeveel F'jes tel jij in de volgende zin?
Lees de zin één keer en bekijk dan het antwoord.
FEMKE VOND HET HEEL TOF DAT FRITS HAD GEVRAAGD OF ZE MEE WILDE GAAN NAAR DE FILM OF DE DISCO.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Antwoord Raadsel 1. Jouw eigen leeftijd dus!
Antwoord Raadsel 2. De vraagstelling van dit raadsel klopt niet! De drie vrienden hebben ieder € 9,- betaald; samen € 27,-. Het kamermeisje heeft € 2,- in haar zak. Trek je dit van elkaar af (in plaats van dat je het optelt), dan heb je het bedrag dat de hotelmanager heeft ontvangen: € 25,-.
Antwoord Raadsel 3. Eerst vaart hij met het schaap naar de overkant, en alleen weer terug. Nu met de witlof naar de overkant en het schaap weer mee terug. Dan de wolf naar de overkant en alleen weer terug. Als laatste met het schaap naar de overkant en ze kunnen weer verder.
Antwoord Raadsel 4. Dacht je 5000? Het is toch echt 4100! Vanwege je haast verwissel je ongemerkt de tientallen en de honderdtallen in de laatste stap (4090 plus 10).
Antwoord Raadsel 5. Heb je 3 F'jes geteld, 4 misschien? Het zijn er toch echt 6! Femke vond het heel toF dat Frits had gevraagd oF ze mee wilde gaan naar de Film oF de disco
Het blijkt dat onze hersenen het woordje of niet kunnen verwerken! Heb je bij de eerste keer lezen 6 geantwoord dan ben je een genie, zegt men!?
Zoals blijkt hoef je geen wiskundig genie te zijn om deze raadsels op te lossen. Gewoon goed lezen wat er staat. Het is vaak even doordenken, net als in het verkoopproces.
Onderwerpen: activity management, Experiment, Fun, Inspiratie, Leermomenten, Motivatie, Tips.
27 tips voor gespreksopening
Een goede indruk kun je maar één keer maken. Inderdaad de eerste keer. Wist u dat een verkoper beoordeeld wordt op zijn eerste 20 stappen, zijn eerste 20 woorden, de eerste 20 seconden? Onderstaand 27 tips voor een gesprekopening met uw klant.
A. Hoe de aandacht trekken?
1. Stel een vraag. Een open of gesloten vraag, waarop de klant een positief antwoord geeft.
2. Zeg iets dat verrast maar overdrijf niet.
3. Geef een aangepaste referentie of citeer een gekende gebruiker. Dit geeft vertrouwen!
4. Toon het product, een staal, een foto, een bewijsstuk,...
5. Maak een oprecht compliment. Iedereen is daar gevoelig voor.
6. Geef informatie die de klant interesseert.
7. Kom met een goed idee voor de klant.
8. Open met een algemeen voordeel voor de klant.
B. Gespreksopening: waarop letten?
1. Let op uw voorkomen: keurig, netjes.
2. Begin nooit met een verontschuldiging.
3. Laat de klant ‘ja’ zeggen. Spreek niet over problemen.
4. Maak het kort en wees positief.
5. Ga zo dicht mogelijk bij een klant zitten of staan.
6. Hang niet in uw stoel. Zit rechtop.
7. Glimlach.
8. Ken de juiste naam van de klant.
9. Vertel geen algemene, nietszeggende dingen.
10. Maak de klant nieuwsgierig.
C. Het verkoopgesprek beginnen: enkele voorbeelden:
1. Een vraag: ‘Weet u dat u vandaag 250 euro kunt verdienen, mijnheer Peeters? Wat denkt u hiervan?’ Stel vragen die de klant interesseren en waarop u een positief antwoord krijgt.
2. Verwijs naar een persoonlijkheid: ‘Jean-Marie Pfaff, Oud keeper van het Belgisch Nationaal Elftal en zakenman, zei tegen onze directeur...’
3. Laat een bewijsstuk zien.
4. Noem een referentie: ‘Weet u dat onze klant XXX 2500 euro per maand bespaart met...?’ De referentie moet op de klant van toepassing zijn. Vertel altijd de waarheid.
5. Maak een compliment: ‘Ik zag verleden week uw mooie advertentie of website...’ Een compliment moet eerlijk en oprecht zijn. Vlei nooit!
6. Breng goed nieuws: ‘Mijnheer Peeters, ik las in het tijdschrift “SalesMangement” een artikel dat u kan interesseren. Ik zal het u nu laten zien.’ De informatie moet waardevol en toepasbaar zijn.
7. Geef de klant een goed idee. Voor een goed reclame-, verkoop- of besparingsidee staat de klant altijd open.
Bron : ‘Verkopen anders bekeken’ door Louis Verbruggen, Robert Van de Walle & Frank Robeyns
Onderwerpen: Artikelen, Inspiratie, Klantcontact, Leermomenten, Motivatie, Presenteren, Psychologie, Tips, verkopen.

